

Tijdens de begrotingsgesprekken pleit de gouverneur van de Nationale Bank voor een beleid dat economische groei stimuleert, terwijl Vlaams minister Weyts benadrukt dat besparingen gepaard moeten gaan met een toekomstperspectief.
Dat groeigerichte verhaal houdt stand tot de eerste tegenvaller, en dan blijft alleen de besparing over terwijl het perspectief doorschuift naar de volgende oefening. Wie uiteindelijk de rekening betaalt, staat zelden in de tabelletjes.
Groei én besparen, en vooral perspectief. Alleen: met welk geld? De Nationale Bank vraagt een begrotingsbeleid dat groei stimuleert, Weyts wil daarnaast een verhaal. Niemand zegt waar de rekening landt. Bij de werkende middenklasse, bij de gemeenten, bij de volgende generatie? En welke groeisector dan wel — want “perspectief” is hier al dertig jaar een synoniem voor uitstel. Noem één concrete euro, één concrete maatregel. Anders is dit geen begroting, maar een folder.
Perspectief? Eerst nog drie besparingsrondes, dan groei. Nooit dus.




